Lareb publiceert actuele bijwerkingencijfers voor Scenesse
Het Nederlands Bijwerkingen Centrum Lareb heeft een geactualiseerd overzicht gepubliceerd van de gemelde bijwerkingen voor Scenesse (afamelanotide). Dit geneesmiddel, toegediend als een onderhuids implantaat, wordt primair ingezet bij volwassen patiënten met erytropoëtische protoporfyrie (EPP) om fototoxiciteit te voorkomen. De publicatie biedt een transparant inzicht in de aard en frequentie van meldingen die door zowel zorgverleners als patiënten in Nederland zijn ingediend.
De monitoring vindt plaats binnen het wettelijke kader van de geneesmiddelenbewaking (pharmacovigilance), waarbij Lareb fungeert als het centrale meldpunt voor de IGJ en het CBG. De data zijn gecategoriseerd op basis van de ATC-code D02BB02 (overige dermatica, bescherming tegen UV-straling). Het dashboard aggregeert meldingen over specifieke reacties, variërend van lokale reacties op de injectieplaats tot systemische effecten, om trends in de veiligheid van dit peptide-hormoon analoog te identificeren.
Voor de EU-consument en behandelaar betekent dit dat er een onafhankelijke bron beschikbaar is om de veiligheid van afamelanotide te verifiëren buiten de bijsluiter van de fabrikant om. Merken of klinieken die werken met melanocortine-agonisten kunnen deze data gebruiken voor risico-inventarisatie. Het is belangrijk op te merken dat Scenesse een geregistreerd weesgeneesmiddel is; meldingen over dit product zijn essentieel voor het voortdurende baten-risicoprofiel dat door de EMA wordt geëvalueerd.